6 maart 2016

Gek op wol

Wol eten is één van de meest bizarre gedragsproblemen in de kattenwereld. Het is nog steeds niet helemaal duidelijk wat het te betekenen heeft. Dit gedrag komt vooral voor bij Siamese en Birmaanse katten voorkwam, maar ook zo nu en dan bij andere oosterse soorten en ook bij kruisingen.
Dit gedrag kan echter bij elke kat voorkomen.

Oorzaak.
De oorzaak van dit merkwaardige eetgedrag is nog niet bekend, maar het lijkt niet het resultaat te zijn van een tekort aan een bepaald voedingsmiddel.
Een mogelijke verklaring voor dit bizarre gedrag kan zijn dat wol eten en sabbelen is terug te voeren naar de kittenperiode. Wellicht zijn ze nog niet helemaal volwassen of hebben ze die periode te kort meegemaakt. Ze missen dus iets. Ook hebben ze vaak de neiging de eigenaar overal te volgen waar deze naartoe gaat.
In de meeste gevallen komt deze voorliefde voor wol tussen de twee en acht maanden naar boven.
De meeste katten beginnen met het eten van wol, maar slechts weinig katten beperken zich tot dit materiaal. Ze gaan van alles eten, katoen (theedoeken) en andere (soms ook synthetische) stoffen. Stof eten is dus eigenlijk een betere benaming voor dit gedrag.
De ene kat eet elke dag en bij de andere kat komt het minder vaak voor.
De kleding van de eigenaar lijkt het meest in trek te zijn, van wollen truien tot ondergoed. De aantrekkingskracht wordt nog groter als de kledingstukken pas geleden zijn gedragen.
Het gedrag lijkt tot op zekere hoogte ook erfelijk te zijn.
Het kan zijn dat een bepaalde vorm van spanning sommige katten ertoe brengt wol te eten.
Sommigen gaan er vanuit dat de overplaatsing naar een nieuw huis één van de meest voorkomende omgevingsprikkels voor wol eten is, maar ook de introductie van een andere kat, een onverwachte scheiding van de eigenaar of een periode van ziekte kunnen een omgevingsprikkel zijn.

Gevolgen.
Vaak is de hoeveelheid die wordt verorberd bijna niet te geloven. Meestal veroorzaakt het ook geen problemen. Zo nu en dan wordt het echter in de maag of in de ingewanden samengeperst en ontstaat er een opstopping die chirurgisch moet worden verwijderd. Heel zelden heeft een operatie geen zin omdat de beschadiging aan de ingewanden te ernstig is. De meeste katten gaan gewoon door en hebben nergens last van.

Behandeling.
Meestal zal een kat die wol eet heel moeilijk van deze gewoonte kunnen worden afgebracht.
Het is net of ze in een soort trance zijn als ze hiermee bezig zijn. Hard schreeuwen maakt dan totaal geen indruk. Ook de plantenspuit helpt maar tijdelijk, want de kat zal zo vlug mogelijk terugkeren naar zijn “maaltje” en eventueel op een andere plaats rustig doorgaan.
Ondanks het feit dat het niet vaak problemen geeft, is het toch zinvol om dit gedrag af te leren en er in elk geval voor te zorgen dat er geen wol meer rondslingert.
Laat dus geen stukjes wol of ander textiel slingeren. Dit geldt dus ook voor kledingstukken en bijvoorbeeld theedoeken. Soms heeft dit tot gevolg dat de behoefte van de kat vanzelf afneemt.
Behandel de stukjes wol met een speciale bitterspray, eucalyptusolie of menthololie. Dit leidt er in veel gevallen toe dat de kat nooit meer probeert om stof te eten.
Straffen helpt alleen als je dit op heterdaad kunt doen.
Let er bij bestraffing wel op dat de kat zich niet gaat verstoppen met het “hapje” en op deze geheime plaats gewoon doorgaat.
Hoewel het wol-eten niets met een gebrek aan voedingsstoffen te maken heeft, kan het toch zinvol zijn iets aan de voeding te veranderen.
Opvoeren van het vezelgehalte van het voedsel door ook bakjes met droogvoer te geven, kan de kat aanmoedigen een alternatieve voedselbron voor wol te accepteren. Soms kan de kat genezen door hem gewoon ongelimiteerd te voorzien van droogvoer. Deze toegevoegde vezels kunnen een comfortabel vol gevoel geven, zodat de kat niet langer de noodzaak voelt zijn dieet aan te vullen met wol.
Een andere behandeling is het geven van taaie stukken vlees en grote, met resten vlees bedekte botten. De basis hiervoor is dat wol-eten een uiting van prooi-vanggedrag schijnt te zijn. Het feit dat wij onze katten voeden met makkelijk verteerbaar en hapklaar voedsel betekent dat ze niet langer hun tanden en kaken hoeven in te spannen zoals de bedoeling van de natuur was. Het is interessant op te merken dat een belangrijk percentage wol etende katten niet of heel weinig naar buiten kan en dus niet de kans krijgt om natuurlijk jachtgedrag te uiten. Door ze te dwingen meer tijd te besteden aan het kauwen van vezelig vlees en stukjes vlees van het bot te trekken, wordt de tijd die aan normaal eetgedrag wordt besteed vergroot en kan de wens om als aanvulling op het menu materiaal te verorberen verminderen en zelfs worden weggenomen.

Het afhankelijke gedrag kan worden afgeleerd door minder aandacht aan de kat te besteden. Het initiatief hiervoor moet wel uitgaan van de eigenaar.
Ook kan het zijn dat het een vorm van verveling is en dan kan verandering van omgeving helpen. Ook hier is weer belangrijk dat de afhankelijkheid van de eigenaar wordt verkleind.

Veel katten die dit gedrag vertonen, schijnen als ze rond de twee jaar zijn, ineens dit gedrag niet meer vertonen.