Hoe en waarom spint een kat?

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap antwoord op een vaak gestelde, vreemde vraag.

Vandaag: hoe en waarom spint een kat?

Sander Voormolen
NRC 7 maart 2016

Tevreden geknor, het zuivere welbevinden. Dat is vaak de menselijke interpretatie van een kat die spint. „Prrr” bij de inademing en „prrr” bij de uitademing. Het heeft wel iets van het menselijk snurken, maar dan anders.

Toch spinnen katten niet alleen als ze zich fijn voelen. Ze doen het ook als ze honger hebben of juist als ze pijn lijden. Een moederpoes spint vaak tijdens het werpen van jongen. Angstige katten spinnen soms ook. Kattengespin is complex.

Je hoort weleens zeggen dat het spinnen van de moederpoes de blinde pasgeboren kittens zou helpen de weg naar de tepels te vinden. En dat de kittens zelf na een paar dagen terugspinnen naar de moeder, zou dat de melkgift stimuleren? Zoölogen denken dat het kenmerkende geluid hierom geëvolueerd is. Het is alleen op korte afstand te horen, waardoor het nestje zich niet snel zal verraden aan roofdieren in de omgeving.

Wetenschappers verschillen van mening over de definitie van spinnen. Gorilla’s, beren, otters en zelfs olifanten laten geluiden horen die erop lijken. Maar de Duitse zoöloog Gustav Peters (Forschunigsmuseum Alexander Koenig, Bonn) stelde in een invloedrijk overzichtsartikel (Mammal Review, 2002) dat „echt spinnen” exclusief is voor de families katachtigen en genetkatachtigen. De cheetah, poema en lynx spinnen mee met onze huiskat, maar de leeuw en de tijger doen het waarschijnlijk niet. Opvallend detail: katten die spinnen brullen niet, en katten die brullen spinnen niet.

Bij de huiskat is het spinnen ook een manier van communicatie geworden met zijn menselijke verzorger. De spinnende kat op schoot nodigt uit tot meer aaien. En dan is er nog de categorie ‘vragend spinnen’ waar Amerikaanse en Britse wetenschappers over schreven (Cell, 2009). Zulk spinnen lijkt speciaal gericht op de mens, een variant die pas na de domesticatie van de kat is opgekomen. Vragend spinnen is luider, hoger van toon minder harmonisch dan normaal spinnen. Het is spingeluid gecombineerd met een miauw en lijkt op de huiltjes van een baby. Dit geluid is voor mensen maar moeilijk te negeren.

Dat katten spinnen als ze pijn lijden, heeft andere mensen verleid tot vergaande speculaties over de heilzaamheid ervan. De kat zou zichzelf geruststellen door te spinnen, ongeveer zoals mensen neuriën. Het zachte geknor zou kalmerende stoffen vrijmaken in de hersenen, maar bewezen is dit niet.

Nog een stap verder gaan onderzoekers die menen dat spinnen een heilzame uitwerking heeft op lichamelijke verwondingen en ziektes. De kat geneest zichzelf! Een zekere Elizabeth von Muggenthaler van het ietwat vage Fauna Communication Research Institute in Hillsborough, North Carolina heeft in het Journal of the Acoustical Society of America (2001) gepubliceerd over de genezende kracht van het spingeluid van katten. De lage trillingen zouden precies goed zijn om botbreuken en schade aan spierweefsel sneller te laten helen. Via haar website biedt Von Muggenthaler inmiddels een apparaat te koop aan dat het genezende kattengespin imiteert, maar zelfs binnen de alternatieve geneeskunde lijkt deze methode excentriek. Dat die zou werken is in elk geval niet in onafhankelijk onderzoek bevestigd.

Soms kan het spinnen ook hinderlijk zijn. Bijvoorbeeld wanneer een dierenarts lichamelijk onderzoek wil verrichten maardoor zijn stethoscoop slechts een oorverdovend geronk krijgt te horen. De geluiden van hart en longen waarnaar hij wil luisteren, worden er totaal door overstemd. Het is niet zeldzaam, één op de vijf katten spint op de onderzoekstafel.

Britse dierenartsen onderzochten in een vergelijkend onderzoek (Journal of Small Animal Practice, 2014) hoe ze het spinnen het beste konden stoppen. In het oor blazen haalde weinig uit, slechts twee van de vijftien katten stopte met spinnen. Een kattenspray, Feliway, die in veel dierenartsenpraktijken wordt gebruikt om katten rustig te maken, was effectief bij de helft van de dieren. Het beste werkte een lopende kraan in de buurt van de poes: 17 van de 21 katten stopten met spinnen. Waarom de nabijheid van stromend water werkt, vermeldt het artikel niet.

Overigens heeft het kattengeluid in het Nederlands zijn naam ontleend aan het regelmatige gesnor van een spinnewiel dat met een voetpedaal wordt aangedreven. In het Engels is spinnen een onomatopee (klanknabootsing): to purr.

Reactie op bovenstaande

Opinie
Weinig stelt zo gerust als een zacht snorrende kat op schoot. Een blijk van genegenheid? Nee, een angstig verzoek om de vrede te bewaren, weet oud-dierenarts Wouter Meijling.

Wouter Meijling
NRC, 2 april 2016

Onlangs las ik het artikel ‘Waarom en hoe spint de kat’ van Sander Voormolen. De lezer krijgt van de auteur een groot aantal suggesties voorgeschoteld, maar blijft na lezing dorstig naar een antwoord.

Ik weet waarom de kat spint. Het spinnen is:

Door de kat.
Voor de kat.
Van de kat.

Om het spinnen te begrijpen moet je je verplaatsen in de situatie waarin de voorouders van onze huiskat zich bevonden. Katten leefden vooral solitair en hun bestaan hing af van het kunnen doden van prooi. Nog steeds kan een lief spinnend poesje op schoot in a split second veranderen in een vechtmachine die zich stort op de vreemde kat die zijn territorium betreedt. Dit makkelijk kunnen omslaan van stemming is van belang voor het begrijpen van de spinnende kat bij ons op schoot.

In de jaren zestig, mocht ik als puber met een dierenarts meelopen, en ik was verbijsterd toen ik een ernstig gewonde kat op de behandeltafel krachtig hoorde spinnen.

Als kind had ik spinnende katten altijd geassocieerd met gezelligheid en harmonie. De kat op schoot, de kat naast je op de bank of uitgestrekt op je krant, heerlijk lui en met samengeknepen oogjes lekker tevreden spinnend. Als gepensioneerd dierenarts besef ik dat mijn antropomorfisch denken van toen volledig misplaatst was. Een kat met een fractuur voelt zich allesbehalve ‘gezellig’.

Spinnen is een genetische eigenschap van ver voor het domesticatieproces. Het heeft als doel onnodige vechtpartijen en schade aan het lijf te voorkomen. Met het spingeluid sturen ze een signaal uit naar andere katten in de buurt. De boodschap is: „Ik ben totaal ongevaarlijk en vorm absoluut geen bedreiging voor jou.” Daarmee wordt de onzekerheid, angst of agressie bij de andere kat onderdrukt en zal de kans op een schadelijke confrontatie minder groot zijn. Dat de natuur een soort agressieregulator heeft uitgedacht is niet zo vreemd. Een kat is volkomen van de jacht afhankelijk en een gewonde kat kan gemakkelijk de hongerdood sterven.

Duizenden katten passeerden mijn gezichtsveld en mijn persoonlijke belangstelling voor de reden van het spinnen bracht mij ook in kattenverblijven van dierenpensions. Met de microfoon tegen de kattenkeel nam ik het geluid van de spinnende kat op. De geluiden varieerden zeer. (Wellicht als gevolg van de domesticatie?)

Katten spinnen met name wanneer hun kwetsbaarheid vergroot is: als kitten; als hoogbejaarde kat (na jaren niet te hebben gespind kunnen ze soms opeens weer beginnen met snorren); als zogende poes met jongen; als een kat verwond op de behandeltafel van de dierenarts ligt én als de kat op schoot ligt – vooral als ze door ons achter de oren gekrabbeld wordt.
Deze laatste situatie verdient een extra verklaring, aangezien het vaak de misvatting veroorzaakt dat katten zouden spinnen omwille van de ‘gezelligheid’. Maar toen de genetische blauwdruk voor het spinnen ontstond, was er nog geen sprake van een schoot.
De wilde kat die wat zit te doezelen in de zon, de pootjes onder het lichaam geschoven en met samengeknepen oogjes, is zich verminderd bewust van zijn omgeving en is dus kwetsbaarder. Indien hij wordt benaderd door een vreemde kat, kan spinnen van pas komen. De huiskat op schoot die zich in dezelfde dromerige gemoedstoestand bevindt maakt geen afweging of de schoot waarop hij ligt al dan niet veilig is. De trigger voor het spinnen betreft hier de koppeling van een wat dromerige sfeer en het besef dat er een andere kat (voor de huiskat ook de mens) aanwezig is. En die kat moet dus spinnend gerustgesteld worden dat er geen kwaad in de zin is.

Katten die elkaar wassen doen dat vooral rond de kop en hals, plaatsen waar ze zelf moeilijk bij kunnen komen (overigens dezelfde plaats waar wij ze vaak krabbelen). Spinnen heeft ook hier zin om een eventuele snelle omslag van stemming te onderdrukken.

Spinnen is dus bedoeld als preventiemaatregel. Wanneer een kat echte dreiging ervaart, staakt hij het spinnen. Een verwilderde, aangereden kat ziet een dierenarts vaak als een bedreiging. Hij zal niet spinnen maar bij aanraking blazen of aanvallen.

Allemaal leuk en aardig, maar wat moet je met deze kennis? Laten we het spinnen serieus nemen. Blaasklachten en actieve incontinentie zijn veel voorkomende problemen bij onze huiskat, een van de belangrijkste oorzaken hiervan is stress. Het zou wenselijk zijn op z’n minst een onderzoek te starten naar het stressonderdrukkend effect van het spinnen van de kat.

Onze huiskat stamt af van solitair levende katten. De domesticatie heeft er weliswaar toe bijgedragen dat veel katten vreedzaam met elkaar overweg kunnen, maar voor een groot aantal katten is het samenleven onder één dak met soortgenoten nog steeds een regelrechte ramp waardoor genoemde klachten kunnen ontstaan. Het zou leuk zijn wanneer een schrandere student diergeneeskunde of aanstaand promovendus de handschoen opneemt.

Tot slot hoop ik dat ik geen afbreuk heb gedaan aan uw relatie met uw kat, door u te beroven van enkele romantische gedachtenspinsels. Bedenk wel dat wanneer uw kat uw been een kopje geeft, hij dit been op z’n minst de moeite waard vindt om het tot zijn territorium te rekenen. Daar mag u trots op zijn.

Wouter Meijling is gepensioneerd dierenarts.

Reactie op het bovenstaande.

Kattengespin gaat ook gepaard met gevoelens van welbevinden.

Dr. Frans J.M. Ellenbroek
NRC, 9 april 2016

Dierenarts Wouter Meijling heeft veel katten gekend. Hij onthult de ware functie van kattengespin als een vredesgebaar dat agressie onderdrukt en vreest ons daarmee van een illusie te beroven: die van de tevreden, gezellige en luie kat op schoot.

Deze gedachtesprong is een door niet-biologen erg vaak gemaakte wetenschappelijke denkfout, die bestaat uit de verwarring van vorm en functie. Van verschillende orde zijn de effecten van een gedraging op de korte termijn, de stimuli (beloningen) die dit bedrag bevorderen en haar langs evolutionaire weg ontstane functie.

Gezelligheid (= sociaal gedrag zoals spinnen en kopjes geven) geeft, net als eten, drinken en vrijen een behaaglijk gevoel. Het behaaglijke gevoel is de stimulus voor het vertonen van dit gedrag. De effecten zijn veiligheid, overleving en voortplantingssucces. Van een tegenstelling tussen functie en het bijbehorende gevoel (onderdeel van de vorm) is in het geheel geen sprake. Meijling hoeft zich niet bezwaard te voelen: spinnen, kwispelen, zoenen en eten, het mag gepaard blijven gaan met gevoelens van behaaglijkheid en welbevinden.

bioloog en direkteur van Natuurmuseum Brabant

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *