6 maart 2016

Pixie-Bob

Korte omschrijving

pixiebobaHERKOMST. Het was in 1985, in de schaduw van de Cascade Mountains, vlakbij de kust van Pudget Sound, toen een kleine Coastal Red Bobcat vechtend met een kortstaartige meertenige boerderijkat werd gezien.
De eigenaren van de boerderijkat redden hun beestje van mogelijke verwondingen en een paar maanden later werd er een nest kittens geboren. Een mannelijk meertenig kitten werd door Carol Ann Brewer gekocht, die onmiddellijk gecharmeerd was door zijn uiterlijk en het gedrag van dit kitten. Carol Ann realiseerde zich dat ze een kat in haar bezit had met het bloed van een nog onbekend ras en een voor haar nieuw uiterlijk. Hierna is zij haar zoektocht gestart naar de nodige informatie om haar te helpen begrijpen of zo’n ongewone kat speciale behoeftes heeft en is zij met nog een aantal mensen een selectief fokprogramma gestart.
VACHT. De Pixie-Bob komt in twee variaties voor: langharig (wat eigenlijk half lang is) of kortharig.
De Pixie-Bob heeft bij voorkeur ook Lynxachtige pluimpjes aan zijn oortjes. Nogal gemakkelijk te onderhouden.
KLEUR. Tabby met warme roodbruine tinten.
GEDRAG. De Pixie-Bob is erg intelligent. Hij houdt van spelen, maar is niet hyperactief. De band met zijn familie is ongelooflijk sterk en dat maakt hem zo’n goede vriend. Verder is hij goed te trainen om bijvoorbeeld aan een tuigje te lopen, houdt over het algemeen van reizen per auto, kan goed met zijn soortgenoten overweg en met kinderen. Hij heeft een hart van goud en het is een toegewijde en unieke vriend. De is dat je geen Pixie-Bob bezit maar dat hij jou bezit!
OVERIG. De Pixie-Bob is het enige ras waar meertenigheid (polydactylie) mag voorkomen.

Een korte uitleg over het gebruik van de volgende woorden bij GEDRAG:
redelijk, nogal, erg.

energiek-grootschootkat-groot1goed-met-kinderen-groot1Redelijk betekent in dit geval: gemiddeld.
Bijvoorbeeld: Redelijk met kinderen wil zeggen dat de kat geen problemen geeft met kinderen, maar dat je toch wel moet uitkijken met kinderen.
Nogal rustig wil dus zeggen dat de kat meer dan gemiddeld rustig is.
Erg onafhankelijk spreekt voor zichzelf.

Rasstandaard Pixie-bob

pixiebob31De Pixie-Bob is een kat die veel weg heeft van de Noordamerikaanse Bobcat. Hij is goed te vertrouwen en gemakkelijk hanteerbaar. De Langhaar Pixie-Bob is de langharige versie van dit ras.

KOP
Vorm en grootte: Middelgroot tot grote omgekeerde brede peer; enigszins bolvormig uiterlijk (uitstekend voorhoofd).
Kin: Zeer stevige kin met ruwe beharing, op één lijn met het uiteinde van de neus.
Snuit: Lange en brede snuit. De bakkebaarden hebben wat weg van stootkussens. Brede, enigszins bolle neus met groot steenkleurig neusleer. Lichte neusstop.
Profiel: Lichtjes rond voorhoofd tot aan de oogrand en lichte bolvorm van de oogrand tot de brug van de neus.

OREN
Gemiddelde hoogte, brede diepe basis. De oren zijn licht naar buiten gericht. Aan de top afgerond en voorzien van lynx-pluimen. Vage vlekken aan de buitenkant van de oren.

OGEN
Middelgroot, enigszins ovaal (heeft een klein beetje weg van een driehoek). Zware dichtbegroeide “wenkbrauwen” vormen één zijde van de driehoek; de bijna rechte lijn naar beneden aan de binnenkant van het oog (dichtbij de neusstop), is de tweede zijde van de driehoek en de onderste lijn van het oog, die omhoog naar het oor gaat, is de derde zijde van de driehoek. De ogen liggen wat diep en staan een oogbreedte van elkaar. De Pixie-Bob schijnt altijd half te slapen en staart dan door gedeeltelijk gesloten ogen. Rondom het oog moet een roomkleurige of witte band aanwezig zijn. De kleur van de ogen is goudkleurig of bruin. Groen is ook toegestaan. De kleur is in harmonie met de vachtkleur.

LICHAAM
Lijf: Middelgroot tot groot slank maar wel stevig. Een poes is duidelijk kleiner dan een kater. Prominente schouderbladen die enigszins uitsteken. De rug gaat achter de schouder naar beneden en stijgt daarna lichtjes naar heupen. De heupen zijn middelgroot van breedte en een beetje hoger dan de schouders. De flank is diep en krachtig, de borst is breed en goed ontwikkeld. Zowel poes als kater heeft een hangbuik.
Poten: Lange gespierde poten met stevige botten.
Voeten: Grote, bijna ronde voeten met vlezige tenen. Toegestane polydactylie (6-7 tenen voor; 5-6 tenen achter).
Been en de pols moeten (van de voorkant gezien) op één lijn staan. Alle tenen moeten op de grond rusten en naar voren zijn gericht.
Botstructuur: Zware en stevige botstructuur.
Spierstelsel: Stevig gespierd.

STAART
De speciale staart is wenselijk, maar knikken en krullen zijn aanvaardbaar. Minimumlengte ongeveer de grootte van een duim. In ontspannen toestand moet de staart naar beneden hangen.

VACHT
Vachtlengte en structuur: De haren in het gezicht zien er borstelig uit en groeien naar beneden. Het dier heeft zware “wenkbrauwen”. De vacht is soepel en waterafstotend. Het seizoen beïnvloed de vacht wat betreft de kleur, dichtheid en lengte. Warmte vermindert de kleur, behalve de grondkleur die dan intenser wordt in de zomer. In de winter lijkt het alsof er rijp op de vacht ligt.
Korthaarvariant: De korte zijdeachtige en wollige vacht moet van het lichaam afstaan. De dichte buikharen zijn altijd langer dan de rest van de vacht.
Langhaarvariant: Middellang (korter dan 5 cm). De haren liggen dichter tegen de huid dan bij de korthaarvariant.
Patroon: Kleine vlekken met of zonder rozetten (gebroken mackerel-patroon is toegestaan) gedempt door zware ticking. Willekeurige vlekken hebben de voorkeur. De buik moet gevlekt zijn. In de zomervacht is het patroon beter te zien dan in de wintervacht.
Kleur van de vacht: Lichte tot middelgrote schaduwen van bruine gevlekte tabby (donkere vlekken op een lichte achtergrond) met warme roodachtige tinten, zijn toegelaten. Uitgesproken ticking en een grijze ondervacht.
Van kin tot buik en oksels moet de vacht wit tot roomkleurig zijn met een grijze ondervacht. Voetkussentjes moeten donkerbruin/zwart zijn, evenals het uiteinde van de staart.

FOUTEN
Te donkere vacht op de buik. Dichte tegen de huid liggende korte vacht bij korthaarvariant. Te lange vacht bij langhaarvariant. Platte kop. Smalle heupen. Het niet hebben van de typische hangbuik. Ontoereikende kin of wenkbrauwen. Staart die niet aan de norm voldoet. Vlekken als bij een koe.
Niet aanwezig zijn van stevige botstructuur en spierweefsel. Het gebrek aan ticking of patroon. Ronde ogen. Een kraag bij de langhaarvariant.

Puntentelling

KOP   40
Vorm 5
Oren 5
Ogen 10
Neus 5
Kin 5
Snuit 5
Profiel 5
Lichaam    40
Lijf 10
Poten 5
Voeten 5
Staart 5
|Botstructuur 7,5
Spierstelsel 7,5
Vacht/kleur/patroon    20
Vachtlengte 3
Structuur 5
Patroon 6
Kleur 6
Totaal    100